Wetenschapsshows voor de basisschool
Hoe Sus Dams de volgende generatie wetenschappers inspireert
Na een lange treinreis sta ik op het centraal station van Antwerpen. Sus is niet moeilijk te vinden; met zijn witte baard, dunne bril en rozige wangen omschrijft hij zichzelf als een typische professor uit een striptekening. Dit beeld wordt alleen maar sterker naarmate we samen een plekje in de stad zoeken. Als een echte professor doet hij enthousiast en chaotisch verslag over de geschiedenis van Antwerpen. Hij wijst voor ons de kleinste details aan van de gebouwen om ons heen en deelt al zijn favoriete plekjes voor Vlaamse frieten.
Sus Dams staat bekend in Vlaanderen om de wetenschapsshows die hij organiseert voor basisscholieren. In de hele regio gaat hij langs bij scholen, theaters en speciale wetenschapsacademies. Daar organiseert hij evenementen waar kinderen op allerlei leuke manieren kennis kunnen maken met wetenschap en technologie; ze maakten extractie van hun eigen DNA mee, soldeerden metaal aan elkaar en bekeken grote explosies. Dit allemaal om de kinderen enthousiast te krijgen voor de wetenschap.
Maar de faam van Sus eindigt niet bij de Belgische grens. Hij werkt ook nauw samen met Stichting Rino, een studentenstichting van Universiteit Leiden waar studenten spectaculaire natuurkundeshows doen met bijzonder koude vloeistoffen. Zij brengen hun shows naar de activiteiten van Sus, en in ruil helpt hij hen een jonger publiek te bereiken.
Samen met Ilse Hordijk, oud-bestuurslid van Rino en goede vriendin van Sus, ontmoet ik hem in Antwerpen om te leren hoe hij heeft geholpen de wetenschapspopularisatie in Vlaanderen te veranderen, en wat studenten in Leiden van hem kunnen leren.
De missie volledig voorbij
Sus doet het meeste van zijn werk via de organisatie Natuur en Wetenschap VZW. Deze organisatie organiseert wetenschapsevenementen voor jongeren en scholen in heel België om kinderen warm te maken voor de wetenschap. Voordat hij zich bij Natuur en Wetenschap VZW aansloot waren de meeste van deze evenementen voor een wat ouder publiek. “Alle leden waren leerkrachten voor wetenschappen op het hoger onderwijs, die na schooltijd nog activiteiten organiseerden voor hun leerlingen.” Maar dit betekende dat zij alleen de kinderen bereikten die al vakken over wetenschap hadden gekozen op school, en dus al interesse hadden in de wetenschap. “Er werd al heel rap duidelijk dat zij hun hele missie volledig voorbij gingen.”
“Ik ben zelf graficus van opleiding, en heb nooit met wetenschap te maken gehad,” legt Sus uit. Toen hij bij Natuur en Wetenschap VZW kwam, kreeg hij de opdracht om te helpen met het ontwerpen van beelden voor een wetenschapsmagazine voor scholieren. Hoe langer hij er werkte, hoe meer hij en zijn collega’s ontdekten dat de organisatie van koers moest gaan veranderen. “We moesten op zoek naar een doelgroep waar we werkelijk een verschil konden maken. Een doelgroep die niet weet wat wetenschap is, waar we interesse in wetenschap kunnen opwekken.” Één zo’n groep die precies in dit plaatje past is jonge kinderen. “Uiteindelijk kwamen we dan bij kinderen in het lager onderwijs uit, van 10 tot 12.”
Met hun doelgroep in gedachten tekenden Sus en zijn collega’s een aantal projecten op en brachten die naar het Ministerie van Wetenschapsbeleid. “Toen we daar aanvankelijk vertelden dat we met wetenschap naar de basisschool wilden gaan, werden wij gewoon uitgelachen.” Blijkbaar geloofde het ministerie toen niet dat het idee van Sus zou werken. Maar hij zette door, en de aanhouder wint. “Nu gebeurt in Vlaanderen bijna alles wat aan wetenschapspopularisering gebeurt voor die doelgroep.”
Wetenschap tot leven brengen
In de jaren daarna organiseerde Sus allerlei wetenschapsshows, waar Vlaamse kinderen na schooltijd hun liefde voor de wetenschap konden ontdekken. Uiteindelijk kregen deze shows aandacht van hogerop.
“Op een bepaald moment,” legt Sus uit, “had de overheid van Vlaanderen een pracht van een idee. Ze zeiden: ‘We hebben te weinig kinderen die met wetenschap bezig zijn.’” Om dit op te lossen riepen ze zogeheten STEM-academies in het leven, waar kinderen de wetenschap kunnen ontdekken. “Net zoals dat er in elke gemeente muziek- en tekenacademies zijn, waar kinderen naschools hun hobby verder kunnen uitwerken. Nu was de overheid een heel klein detail vergeten: daar waren gewoon geen centen voor.” De academies moesten gerund worden door amateurs van de gemeentes, die zonder budget alles zelf moesten uitzoeken. “Daar kwam geen kanten van,” zucht Sus.
Toen de overheid dit realiseerde, besloten ze er nog een schepje bovenop te doen. “Ze hadden een nog veel lumineuzer idee, want wij zitten hier met ongelooflijk vakbekwame politiekers. Een pracht van een bijsturing: ze verplichtten de gemeentebesturen om STEM-academies in te richten. Er waren nog altijd geen centen.” Één zo’n gemeente heeft misschien wel twaalfhonderd basisscholieren. Zonder geld of expertise lukte het niet om alle kinderen die dat wilden mee te laten doen.
Dus overtuigde Sus een aantal gemeentes om met hem te werken. “[Bij Natuur en Wetenschap VZW] hebben we veel centen van Wetenschapsbeleid gekregen om onze projecten te doen, en wij beloofden dat we 50% van de doelgroep die we aanspraken naschools in een wetenschapsproject zouden kunnen krijgen. Als je subsidie wil kunnen loskrijgen in Vlaanderen dan moet je durven bluffen, dus 50% was zwaar overdreven,” knipoogt Sus samenzweerderig. “Wel, we hadden gewoon voor het derde jaar op rij meer dan 70% van die kinderen die we aanspraken ingestapt bij een wetenschapsproject. Bij die vijf gemeentes lopen dit jaar 31 STEM-academies.”
Wetenschap in Vlaanderen en Leiden
Aan onze kant van de grens hebben we ook allerlei organisaties die wetenschap populair willen maken onder kinderen. Een van deze groepen is de studentengroep Stichting Rino uit Leiden. Een aantal keer per week reizen studenten van Stichting Rino naar middelbare scholen door het hele land om proefjes te laten zien. Ze toveren grote wolken uit waterkokers, schieten kurken tegen het plafond en maken heerlijk ijs met vloeibaar stikstof. Zo willen ze scholieren meer exacte vakken laten kiezen voor hun pakket.
Het is dus geen verrassing dat ze nauw samenwerken met Sus. In ruil voor een paar shows per jaar in theaters rondom Antwerpen, spreekt Sus op Rino-evenementen in Leiden. Hij geeft ook advies om activiteiten voor basisscholen te organiseren.
Vorig jaar organiseerde Stichting Rino haar eigen wetenschapsshow genaamd Wetenschapswonders voor kinderen van groep 7 in de regio. Ze waren erg blij met de resultaten, al waren er nog wel verbeterpunten. “Als je met kinderen praat, moet je zorgen dat de aandacht blijft. Als je de aandacht kwijt bent, is het van de baan,” vertelt Sus. “Dat hebben zij een beetje meegemaakt met Wetenschapswonders.” Toch was hij erg onder de indruk van hun werk: “Ik denk niet dat ze bij Rino door hebben hoe goed ze eigenlijk zijn.”
Sus en Rino werken al langer samen dan hij kan herinneren. Hij lijkt graag de samenwerking voort te willen zetten. “Er kan zelfs het element rolmodel voor die kinderen gaan spelen, als ze het goed doen.”

0 Reacties
Geef een reactie